De werkingsrichting wijzigen

De werkingsrichting van de bedieningselementen is in de fabriek ingesteld, zoals hieronder wordt aangegeven.

Verhogen

Verlagen

Als u de bedieningssatelliet rechts op de stuurkolom moet monteren, kan de werkingsrichting worden omgekeerd.

Druk 2 seconden op (SOUND) terwijl u de VOL regelaar ingedrukt houdt.

Opmerking

Als u 2 seconden op (SOUND) drukt terwijl u de VOL regelaar ingedrukt houdt, verschijnt "Normal" of "Reverse" in het display.

Met "Normal" kunt u de bedieningssatelliet in de standaardpositie gebruiken.

Met "Reverse" kunt u de bedieningssatelliet gebruiken als deze aan de rechterzijde van de stuurkolom is gemonteerd.

De geluidskarakteristieken wijzigen

U kunt de hoge en lage tonen, balans, fader en het subwoofervolume regelen.

1 Druk op (SOURCE) om een bron (radio,

CD, MD of AUX) te selecteren.

2 Druk op (SOUND).3 Druk herhaaldelijk op < of , om het item te selecteren dat u wilt aanpassen.

Wanneer u op < of , drukt, wordt het item als volgt gewijzigd:

DSO y EQ7 y Bass y Treble

yBalance (links-rechts)

yFader (voor-achter)ySubWoofer (subwoofervolume)

4 Druk op (ENTER).

5 Druk op < of , om het geselecteerde item aan te passen.

6 Druk op (ENTER).

Het geluid snel dempenDruk op (ATT).

"ATT" verschijnt enige tijd in het display.

Druk nogmaals op (ATT) om het vorige volume te herstellen.

Tip

Wanneer de interfacekabel van een autotelefoon is aangesloten op de ATT-kabel, wordt het volume automatisch verlaagd wanneer een telefoongesprek binnenkomt (Telephone ATT functie).

29