
Deze monitor voldoet aan de richtlijnen voor stroombesparing die zijn opgesteld door VESA, ENERGY STAR en NUTEK. Wanneer de monitor is aangesloten op een computer of een videokaart die compatibel is met DPMS (Display Power Management Standard) voor analoge ingang/DMPM (DVI Digital Monitor Power Management) voor digitale ingang, gaat het automatisch minder stroom verbruiken zoals hieronder afgebeeld.
Stroomstand | Stroomverbruik | 1 (aan/uit) |
|
| lampje |
|
|
|
normale | 38 W (maximaal) | groen |
werking |
| |
| 44 W (maximaal) |
|
|
| |
|
|
|
actief uit* | 1,0 W (maximaal) | oranje |
(diepe |
|
|
sluimer)** |
|
|
|
|
|
stroom | 1,0 W (maximaal) | uit |
uitgeschakeld |
|
|
|
|
|
*Als uw computer in de stand "actief uit" wordt gezet, valt het ingangssignaal weg en verschijnt het bericht "GEEN INPUT SIGNAAL" op het scherm. Na 5 seconden wordt de energiespaarstand voor de monitor geactiveerd.
**"Diepe sluimer" is een stroomspaarstand die gedefinieerd is door de Environmental Protection Agency.
Functie voor het automatisch aanpassen van de beeldkwaliteit (alleen voor analoog RGB signaal)
Als de monitor een ingangssignaal ontvangt, worden de beeldpositie en de scherpte (fase/ pitch) automatisch aangepast zodat er een scherp beeld op het scherm verschijnt.
FabrieksinstellingAls de monitor een ingangssignaal ontvangt, wordt dit automatisch afgestemd op een van de fabrieksinstellingen die in het geheugen van de monitor zijn opgeslagen, om een beeld van hoge kwaliteit in het midden van het scherm te krijgen. Als het ingangssignaal overeenkomt met de fabrieksinstelling, wordt het beeld automatisch op het scherm weergegeven met de juiste standaardinstellingen.
Als de monitor een ingangssignaal ontvangt dat niet overeenkomt met een van de fabrieksinstellingen, wordt de functie voor het automatisch aanpassen van de beeldkwaliteit van de monitor geactiveerd waardoor er altijd een scherp beeld verschijnt op het scherm (binnen het volgende frequentiebereik):
Horizontale frequentie:
Verticale frequentie:
De eerste keer dat de monitor ingangssignalen ontvangt die niet overeenkomen met een van de fabrieksinstellingen, kan het langer dan normaal duren voordat het beeld op het scherm verschijnt. De instelgegevens worden automatisch opgeslagen in het geheugen zodat de monitor op dezelfde manier werkt als wanneer de monitor signalen ontvangt die wel overeenkomen met een van de fabrieksinstellingen.
Opmerking (alleen voor
Uhoeft de digitale
Als u de fase, pitch en beeldpositie handmatig aanpast terwijl UIT bij AUT. INSTELLEN is geselecteerd
Voor sommige ingangssignalen kunnen de beeldpositie, de fase en de pitch niet helemaal automatisch worden aangepast. Deze instellingen kunnen dan handmatig worden aangepast (pagina 11). Als u deze instellingen handmatig aanpast, worden deze als gebruikersstanden in het geheugen opgeslagen en automatisch weer opgeroepen wanneer de monitor dezelfde ingangssignalen ontvangt.
Opmerkingen
•Als de functie voor het automatisch aanpassen van de beeldkwaliteit is geactiveerd, werkt alleen de 1 (aan/uit) schakelaar.
•Het kan zijn dat het beeld gedurende deze tijd knippert, maar dit duidt niet op een storing. Wacht een paar seconden tot de instelling is voltooid.
16 (NL)