
Voorbereiding - algemene informatie
–Voordat u de batterij aansluit of de netvoeding inschakelt, dient u de interne sirene gedurende de installatieperiode uit te trekken (kleine stekker met kabel, direct onderaan links van het display).
–Als de interne zoemer begint te biepen: druk op ![]()
om hem uit te schakelen.
–Op om het even welk moment het systeem verlaten: houd de knop
ingedrukt. Fabrieksinstellingen terugzetten:
–Alle
200![]()
9![]()
.
–Alle individueel gewijzigde parameters resetten: druk op
200![]()
10![]()
.
Taalinstelling
1.Druk tegelijkertijd op Ctrl ![]()
t de “Lok. Mode” verschijnt.
2.Blader met de knoppen ![]()
![]()
/
naar de
optie “Taal” en druk op ![]()
om deze optie te kiezen.
3.Blader met de knoppen ![]()
![]()
/
naar de taal van uw voorkeur en druk op ![]()
om ze op te slaan.
4.Houd de knop
ingedrukt om het menu te verlaten.
Beginnen met programmeren
Programmeren van het systeem (stap 2
1.Druk op
gebruikerscode“147258”![]()
t het display toont: “KLANT:GEBRUIKER”.
2.Druk op
installateurscode “258369”![]()
t het display toont: “INSTAL.:GEBRUIKERS”.
Klokinstelling
1.Tijd instellen: druk op
26
1 
”HHMM”

2.Dag instellen: druk op
26![]()
2![]()
”DAG” ![]()
(zondag = 1, maandag = 2, enz.)
3.Datum instellen: druk op
26![]()
3![]()
”DDMMYY”![]()
![]()
4.Automatisch
26![]()
4![]()
1![]()
![]()
Detectoren
Lees de draadloze detectoren (max.16), vóór de installatie, bij de centrale in. Standaardinstellingen:
-zones 1 en 2 worden vertraagd voor toegangsroute
-zones 3 - 8 worden ingesteld voor normale zones
-zones 9 - 16 worden ingesteld voor aanwezigheidszones.
Wij raden aan het volgende te gebruiken:
-zone 1: magneetcontact van de toegangsdeur
-zone 2: eerste bewegingsdetector voor de bewaking van de toegangspartitie (bedieningscentrale).
1.Voor zone 1: druk op
164![]()
1![]()
![]()
![]()
![]()
thet toetsenblok begint te biepen om aan te geven dat de inleesmodus is geactiveerd
2.Druk op het sabotagecontact van de detector of verwijder de magneet van het deurcontact
tEr wordt nu een transmissiesignaal verzonden. Als een detector wordt gevonden, geeft de centrale de melding “Gevonden”.
3.Druk op ![]()
voor bevestiging.
4.Herhaal handeling
(gebruik de navigatieknop
om naar de volgende zone te gaan).
Als een detector niet kon worden ingelezen, is deze al ingelezen bij de centrale of werd het transmissiesignaal niet ontvangen - probeer het nog eens.
Reeds ingelezen detectoren kunnen worden gecontroleerd in de modus “Zoek detector”:
druk op
166![]()
![]()
![]()
![]()
![]()
.
Toegangsvertragingstijd
De toegangsvertragingstijd is standaard ingesteld op 20 seconden. Om deze tijd (0-
9999 seconden) per zone te wijzigen:
1.Zone 1: druk op
144![]()
1![]()
”sec.”![]()
![]()
2.Zone 2: druk op
144![]()
2![]()
”sec.”![]()
![]()
Uitgangsvertragingstijd
De uitgangsvertragingstijd is standaard ingesteld op 30 seconden. Om deze tijd (0-
255 seconden) per partitie te wijzigen: Partitie A: druk op
60![]()
1![]()
”sec.”![]()
![]()
Afstandsbediening
Een afstandsbediening (max. 16) bij het systeem inlezen te beginnen met gebruikersnummer
x
BFL
Siemens Building Technologies |
|
Fire Safety & Security Products | 01.2008 |